|
Het
zou ideaal zijn als ik in Arequipa-
Perú kan wonen maar
werken in Nederland, de kostprijzen liggen in Arequipa dermate laag
dat ik er gemakkelijk van een Nederlands minimumloon rond zou kunnen
komen. De huurprijs van een drie kamer woning met een riante keuken
en douche in een van de betere wijken ligt tussen de honderd en
tweehonderd Dollar per maand, Verwarming in huis is niet nodig door
het altijd aangename klimaat, andere energiebronnen kosten een schijntje.
Openbaar vervoer kost hier 30 eurocent en daarvoor krijg je een
reis door de halve stad, natuurlijk kun je niet verwachten dat het
VIP transport is, integendeel. Zelfs een taxi kost hier een schijntje,
het grote aantal van deze zakformaat taxi's ( 20,000 alleen al in
Arequipa) zorgt er voor dat de prijs op een voor ons bijna lachwekkend
laag niveau blijft steken maar dan moet je als relatief lange Hollander
wel accepteren dat je benen als een vouwpakket tussen de voorstoel
en de achterbank zitten vast geklemd. Het is steeds weer een gevecht
om me uit zo'n mini taxi te wurmen. Ook je zenuwen moeten tegen
een stootje kunnen gezien de afschrikwekkende rijstijl van de meeste
chauffeurs, en dan bedoel ik niet alleen de bestuurder die mijn
taxi bestuurt.
De
bussen, taxi's, vrachtwagens, en motorrijders maken van twee rijbanen
vier banen en vliegen om me heen als vliegen boven een stronthoop,
ik zie ze links en rechts gevaarlijk dicht op me afkomen en menigmaal
denk ik “nu komt de klap”. Het veelvuldig gebruik van de claxons
in diverse soorten en maten lijkt orenschijnlijk van een zinloosheid
die mijn verbazing vaak te boven gaat, het getoeter lijkt meer op
een geconditioneerde handeling die bij elke rem of uitwijkactie
geactiveerd word dan op een effectieve manier om anderen in beweging
te zetten. Zo kom ik bijvoorbeeld uiteindelijk ongeschonden aan
bij een van de belangrijkste evenementen in de stad, Los
Campeones de la Fiesta de la Candelaria.
In
het locale basketbal stadion
is een presentatie van de winnaars van de folklore danswedstrijd
uit Puno, deze stad op vierduizend meter hoogte aan het Titicaca
meer is de folklore hoofdstad van Perú. Het is voor mij als Europeaan
niet geheel te begrijpen wat de uitbeeldingen en dansstijlen proberen
duidelijk te maken, daarvoor mis ik toch enige cultuur ervaring
om het een en ander te kunnen plaatsen, ik zou omdat te kunnen begrijpen
hier geboren en getogen moeten zijn. Sommige dingen kan ik me eenvoudigweg
nooit eigen maken al doe ik nog zo m,n best. Het is me wel duidelijk
dat het in de meeste dansvoorstellingen gaat om de strijd tussen
man en vrouw en/of de duivel en het kwaad tegen de goedheid, zoals
in de meeste films in de bioscoop of op televisie loopt het ook
in deze dansenvoorstellingen altijd weer goed af en overwint de
liefde en de goedheid het van de duivel en het kwaad. Met een tevreden
gevoel dat het goede heeft gewonnen stap ik weer met knikkende knieën
in een te kleine taxi en scheuren we door de verkeerschaos naar
het centrum. Op het Plaza is de zoveelste demonstratie aan de gang,
ik vraag me af of dat het enorme aantal demonstraties wat er per
week de revue passeert er juist voor zorgt dat men er van overheidswege
doof voor word. Het is vaak het zelfde ritueel, oudere en arme mensen
uit afgelegen dorpen worden, al dan niet gedwongen, opgetrommeld
om de straat op te gaan. In drie rijen loopt de menigte met vlaggen
en spandoeken enigszins timide achter elkaar aan en worden opgejut
door een voorganger met een megafoon in zijn hand die allerlei leuzen
schreeuwt, waarop de menigte achter hem de handen gebald omhoog
steekt en een, naar het lijkt, geconditioneerd leus uit roept. Ik
kan me niet van de willekeurige dubbele gevoelens ontrekken die
door me heen jagen als ik naar deze dubieuze demonstratie kijk.
Ik
laat dit alles voor wat het
is en duik een restaurant in en laat me verwennen door de serveersters
die me al hun aandacht geven, niet alleen vanwege de bestelling
die ik doe maar ook omdat ik voor de dames als Europeaan om diverse
redenen een interessant persoon ben.
Een
van de aangename(?) bijkomstigheden in Perú is het feit dat vrouwen
graag geassocieerd willen worden met westerse mannen, het is dan
ook niet de eerste keer dat wanneer ik met een vrouw aan tafel zit
de serveersters, ondanks mijn vrouwelijk gezelschap, ongeremd verleidingstactieken
uit de kast halen om mijn aandacht te trekken. Als je zou willen
kun je hier elke week weer een andere relatie beginnen. Er lijkt
hier een ondergrondse strijd tussen vrouwen gaande te zijn om de
gunst van de weinig in aantal, betrouwbaar lijkende mannen. Het
feit dat als een man zijn vrouw/vriendin zou verlaten ten gunste
van een verleidster ook zou kunnen beteken dat die ook haar op haar
beurt zou kunnen verlaten, als de man zich opnieuw laat verleiden
door een andere vrouw, is niet iets wat de dames lijken te beseffen.
Ik laat me door drie andere Perúaanse dames uitnodigen om naar een
kareokebar te gaan, het is aandoenlijk om te zien en te horen hoe
de dames vol overgave en zonder enige gene hun (valse) zangtalenten
ten gehoren brengen. Het is een volksvermaak van de eerste orde,
men lust er wel pap van. De verrassing van de avond is dat de dames
onderling een lied, Hotel California van de eagels ,voor mij hebben
bekokstooft, uiteraard laat ik me niet kennen dus na een paar biertjes
durf ik het aan en ben ik de eerste en de enige die Engelstalig
(vals) zingt.
|




Perú
2007
Foto's
(c) Gerard Bouman
|